21 maart 2019

Nieuw in Brabant, en dan? 
Milan Pinteŝ aan het woord

Hoe is het om als niet-Nederlander naar Brabant te verhuizen? Waar loop je in het dagelijks leven tegenaan?

Het projectteam Versterken Taalvaardigheid zet zich in opdracht van de provincie Brabant in om taalvaardigheid in Brabant te bevorderen. Het project kreeg daarbij drie extra aandachtsgebieden van de provincie, waaronder 'Nieuwe Brabanders'. Nieuwe Brabanders zijn niet in Nederland geboren, ze zijn hier op latere leeftijd gekomen. Ze zijn hier om verschillende redenen, het gaat om expats, vluchtelingen, arbeidsmigranten en statushouders. Als je niet in Brabant geboren bent en je wilt wel deel uitmaken van de samenleving, hoe doe je dat? Waar loop je tegenaan?
We hebben enkele mensen geinterviewd. De komende weken publiceren we een portret. 

‘Als het niet van je wordt gevraagd, doe je het niet snel’  

 

Toen de Tsjechische Milan Pinteŝ (35) vier jaar geleden voor werk naar Nederland kwam, volgde hij eerst een privécursus. Later volgde een extra training vanuit het bedrijf waar hij werkt, maar echte conversatie blijft lastig. “Ik zit nu op A1-niveau en kan Nederlands lezen en praten maar de voertaal op de werkvloer is altijd Engels geweest. Dat maakt het niet makkelijk om goed Nederlands te leren maar als je wilt, kun je het leren. In het begin waren zinnen voor mij één lang woord, maar inmiddels weet ik beter.” 

In 2014 startte hij bij een bedrijf in Breda. Nederland beviel hem en hij besloot te blijven. “Wat ik mooi vond waren alle blije mensen op de fiets. Daar snapte ik niets van. Tot ik zelf ging fietsen en ook begon te lachen.” Milan kreeg een nieuwe baan bij Soda Stream in Rijen. Als production supervisor geeft hij nu leiding aan zo’n honderd medewerkers. Tachtig procent daarvan is Pools en de voertaal is Engels. Hij zou zijn Nederlands graag verbeteren. “Ik begin een gesprek nu vaak in het Nederlands maar stap over op Engels als het lastig wordt. Meestal eindig ik weer in het Nederlands.” 

Als je ergens woont moet je altijd proberen de lokale taal te spreken, vindt Milan. “Het gaat om respect voor de inwoners van een land. Waarom moeten zij een andere taal spreken?” Dat is makkelijker gezegd dan gedaan in een werkomgeving waar bijna iedereen Engels praat. “Daardoor gaat Nederlands leren zeker trager”, zegt Milan. “Ik mail soms in het Nederlands maar als het niet van je wordt gevraagd, doe je het niet snel. Hopelijk kan ik meer leren door boeken te lezen. Ik zou graag Nederlandse vrienden maken en met een Nederlandse vriendin zou het helemaal snel gaan, haha!” 

Milan ziet dat veel van zijn collega’s bang zijn om fouten te maken. “Onnodig, want Nederlanders vinden het mooi als je probeert Nederlands te praten en stimuleren je dan ook.” Zelf vindt hij het geen ingewikkelde taal. “De g uitspreken kan ik inmiddels goed, maar de ui-klank blijft moeilijk. Dat zoveel woorden op -tje eindigen vind ik grappig. Ik merkte laatst in een gesprek met mijn ouders dat ik een mix sprak van Tsjechisch, Engels en Nederlands. Daar snapten zij helemaal niet van.” 

Tekst: Tefke van Dijk
Fotografie: Vincent Moll


Terug naar verzamelpagina

Meer weten?
Neem contact op met: